De boekenliefhebber en schrijver in hem koestert van kinds af de behoefte om een eigen uitgeverij te beginnen. Onafhankelijkheid staat voorop. Klein zijn is een kracht. Hij wil naast reuzen opereren, de traditionele boekenmakers die men vaak ‘gerenommeerd’ noemt.

Zijn opa gaf een krantje uit in Rotterdam. Ook hij deed aanvankelijk alles zelf. Hij schreef stukjes over het dagelijkse leven van zijn stadsgenoten en zocht er adverteerders bij om het project betaalbaar te maken. Hij verzon een naam, een logo en een motto. Daarvoor ontwikkelde hij sjablonen die hij keer op keer kon gebruiken, te vergelijken met de huidige ‘template’.

Als de wekelijkse inhoud voor zijn courantje compleet was begon hij met het handwerk. Letterzetter van huis uit, stelde hij blokje voor blokje de woorden samen die zich aaneenregen tot zinnen. De bijkamer stond vol met letterbakkasten. Zo begon hij. Het ‘ter perse gaan’ vond nog plaats met een kleine hoogdrukpers. Dat was heel bewerkelijk. Hij liet dat proces daarom later aan een drukker over.

OLYMPUS DIGITAL CAMERAOpmaak is niet alles maar het helpt als de woorden mooi in het gelid staan en je een pakkend logo hebt dat de lading dekt. Het idee voor Cum Suis begon
met een schets. Die moest de hele wereld omvatten. Verfijning vindt doorgaans plaats in stappen. Zoals ook inzicht met de jaren komt. Misschien kon de uitgever in spe zich beter op het eigen taalgebied richten. Een uitgeverijtje om zijn – in het Nederlands geschreven – gedichten,  onder de aandacht te brengen was voorlopig voldoende.

Sproot de behoefte om zelf een uitgeverij te beginnen voornamelijk voort uit het enthousiasme dat hem door zijn opa was bijgebracht (al stierf hij te jong), een persoonlijke frustratie als mogelijke oorzaak voor zijn wens om ‘in eigen beheer’ te publiceren kon hij niet verhullen. Hij vond dat hij aardige gedichten schreef. Hij was van mening dat die publicatiewaardig waren en een lezerspubliek verdienden. Maar een uitgever was niet zomaar gevonden. Dat viel een beetje tegen.

Er is een tijd geweest dat hij dacht dat hij zijn werk alleen maar onder de aandacht hoefde te brengen van De Arbeiderspers of van De Bezige Bij om in hun fonds te worden opgenomen. Hij kon iets voor hen betekenen en zij iets voor hem. De vruchtbaarheid van een dergelijke kruisbestuiving leek hem evident. Behept met de mentaliteit van een kunstenaar en de arrogantie van een amateur, legde hij zijn manuscript dan ook alleen maar voor aan bovengenoemde uitgevers. De keuze lag immers bij hem. Hij moest het zichzelf niet nog moeilijker maken door nog meer enthousiasme te kweken bij nog meer lieden, om vervolgens niet met hen in zee te gaan.

Van die eigenwaan is inmiddels een hoop ter ziele. ‘Iedereen heeft precies zoveel ijdelheid als het hem aan verstand ontbreekt’, beweerde Nietzsche. Dat verstand heeft de uitgever hervonden toen de teleurstelling was verwerkt en hij doordrongen raakte van wat zijn werk nou helemaal betekenende.

Niettemin denkt hij nog steeds dat hij, naast ‘de wil tot schrijven’ en een zogenaamde kunstenaarsinborst, ook de kwaliteit bezit van een schrijver, zij het van een heel bescheiden niveau.

Arrogantie kan verdwijnen door verworven inzicht en bij gebrek aan erkenning, waarna de kans bestaat dat men het erbij laat zitten en men zijn ambities laat varen. Lethargie ligt op de loer. Dat is vervelend voor degene die het betreft. Maar voor de wereld? Als het er nooit meer van komt, dat schrijven, zouden we dan erg veel mislopen? Voor de mensheid lijkt er niets verloren. Ook in zijn geval uiteraard. Het zou alleen maar wat betekenen voor hemzelf als niemand nog ooit van hem zou horen.

De teleurstelling om gebrek aan waardering kan ook omslaan in boosheid. Dan mag de wereld zich verheugen in alweer een miskend talent. Zo iemand schrijft tegen de klippen op. Eén van de terugkerende thema’s is voortaan de onderschatting van zijn onbetwistbare begaafdheid. Ook op dergelijke verongelijkte zielen zit niemand te wachten.

Er bestaat een derde weg die hem meer bevalt. Vergeet de anderen, word zelf een boekenmaker. Zoek de hulp die daar bij hoort. Organiseer iets. Maak het gezellig maar ook professioneel. Herijk wat je verstaat onder professionaliteit. Zie niet af van het geloof in jezelf, niet van de wens om jezelf aan de man te brengen. Blijf bescheiden maar blijf ook bezig. Zorg dat dat boek er toch komt. En als het er komt, dan mag je best een beetje trots zijn.

Logo Cum Suis (rood zwart)(10 procent)